De Vesuvius is een vulkaan aan de westkust
van Italië ten zuidoosten van Napels. De naam "Vesuvius"
is afkomstig van het Oskisch "fesf", wat rook betekent.
De vulkaan ligt in de vlakte van Campanië, heeft een doorsnede
van 8 km en is 1281 m. hoog.

De Vesuvius is een stratovulkaan; strato- is afgeleid van stratum,
Latijn voor 'laag'. Een stratovulkaan bestaat uit een afwisseling
van lagen as en lava, die in de twee stadia van een uitbarsting
van dit type vulkaan worden gevormd.
Stadia in de eruptie
Bij de uitbarstingen worden in het eerste stadium grote hoeveelheden
as, stof en stenen uitgebraakt in de eerste vier tot acht uren.
De hoeveelheden stenen en as kunnen enorm zijn en tot wel vier meter
hoog wanneer ze op de aarde vallen. Vele huizen worden dan ook vernield
door de grote rotsblokken die op de daken terechtkomen.
In de tweede fase van de eruptie is er de beruchte gloedhete vloed
van modder en lava die langs de flanken van de Vesuvius naar beneden
stroomt. Er is berekend dat het slechts vier minuten duurde voor
deze kokende massa de stad Herculaneum bereikte, terwijl die stad
op 7 kilometer van de krater ligt.
Uitbarsting van 79 na Chr.
De bekendste eruptie van de Vesuvius was die van 24 en 25 augustus
in het jaar 79 n.C. Dit was de gewelddadigste uitbarsting die tot
nu toe plaatsvond. De top van de vulkaan explodeerde en de Romeinse
steden Pompeii en Stabiae werden volledig bedolven onder as en puimsteen,
terwijl een pyroclastische golf Herculaneum verwoestte. Ook verspreidden
giftige gassen als koolstofmono-oxide (CO) zich door Pompeii. ongeveer
10.000 mensen werden gedood, waarvan maar 2.000 lichamen zijn teruggevonden.
Uit recent wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat mensen levend
werden gekookt, "gezandstraald" door de gloeiend hete
aswolk en vervolgens levend ontvleesd. De hersenpan explodeerde
doordat de temperatuur van het superhete gas tussen de 500 en 550
graden Celsius bedroeg.
Het verloop van deze ramp is vooral bekend door een ooggetuigenverslag
van Plinius de Jongere in een brief aan de geschiedschrijver Tacitus
(Epistulae VI, 16). Plinius Minor maakte aantekeningen gedurende
de uitbarsting vanuit Misenum - een stad aan de andere kant van
de baai en zo'n 35 kilometer van de Vesuvius. Ondertussen trok zijn
oom Gaius Plinius Secundus maior, ook wel bekend als Plinius de
Oudere, erop uit om mensen te gaan redden. Hij kon echter nergens
aan land gaan. Uiteindelijk besloot hij naar Stabiae te gaan, maar
Plinius de Oudere zou het niet overleven. Hij overleed aan verstikking.
Andere uitbarstingen
In de loop van de geschiedenis heeft de Vesuvius nog verscheidene
keren haar macht getoond en nog vele mensen gedood en steden vernield:
in 1631 (deze was bijna even zwaar als de uitbarsting van 79), 1794,
1906, 1913, 1926, 1929 en voor het laatst in 1944. Deze uitbarstingen
waren echter minder spectaculair en eisten minder slachtoffers dan
de uitbarsting in 79.
Media
Over de uitbarsting van de Vesuvius in 79 na Christus zijn meerdere
films gemaakt. Een voorbeeld is Pompeii: The Last Day; een docudrama
over de uren van de uitbarsting van de Vesuvius. De film is geproduceerd
door de BBC.
Vorige |