De oryxen of spiesbokken (Oryx) zijn een geslacht van woestijnbewonende
antilopen uit Afrika en Arabië. Ze behoren tot de onderfamilie
der paardantilopen (Hippotraginae).

Oryxen zijn goed aangepast aan het leven in de woestijn. Ze kunnen
langere tijd zonder water en ze kunnen hoge stijgingen in de lichaamstemperatuur
aan. Op het heetst van de dag zoeken de dieren verkoeling in de
spaarzame schaduw.
Oryxen zijn te herkennen aan de lange, dunne rechte hoorns, de
vrij korte manen, de bult op de schouder en grote hoeven. De dunne
vacht is wit van kleur met zwarte, grijze en/of bruine markeringen.
Beide geslachten dragen hoorns. Ze hebben een schouderhoogte van
81 tot 120 centimeter en een lichaamsgewicht van 65 tot 200 kilogram.
De hoorns worden 38 tot 127 centimeter lang.
Waarnemingen van oryxen liggen waarschijnlijk aan de oorsprong
van de eenhoorn. Als een oryx van de zijkant gezien wordt, lijkt
het alsof het dier slechts één hoorn heeft. Dit en
het paardachtige uiterlijk van de dieren zijn misschien de oorsprong
van de mythe.
Er zijn drie tot vier soorten. Twee soorten, de algazel uit Noord-Afrika
en de Arabische oryx, zijn ernstig bedreigd en in het wild zo goed
als uitgestorven. De derde soort, de gemsbok, is daarentegen zeer
algemeen en komt voor in een groot gedeelte van zuidelijk en oostelijk
Afrika. De Oost-Afrikaanse ondersoorten worden soms tot een aparte
soort gerekend, Oryx beisa.
Vorige |